U hoeft zich niet te verantwoorden; uw opponent wel!

Afdrukken
groene_gele_kaarten.jpgEén van de grootste uitdagingen waar u tijdens een debat tegen aan loopt is om enerzijds een goede inhoudelijke bijdrage te leveren aan het debat en tegelijkertijd uw doelgroep te overtuigen. Deze twee elementen staan vaak op gespannen voet. Om overtuigend te spreken moet de inhoud nogal eens wijken.

Tijdens een debat worden kritische vragen gesteld aan deelnemers. De zorgvuldige beantwoording van deze vragen is zeer waardevol voor het bereiken van het ultieme doel van een debat: het door middel van het uitwisselen en toetsen van argumenten inzake een meningsverschil komen tot nieuwe inzichten. U als deelnemer aan een debat heeft echter vaak op de eerste plaats een ander doel en dat is het overtuigen van anderen van uw gelijk. Daarbij helpt het over het algemeen niet wanneer u continu door uw opponent in de verdediging wordt gedrukt en ter verantwoording wordt geroepen voor uw standpunt. Het standpunt dat keer op keer moet worden verantwoord wordt voor het grote publiek als vanzelf verdacht. Wanneer u keer op keer moet uitleggen dat het verhogen van de AOW leeftijd van 65 naar 67 jaar niet asociaal is dan ligt de bewijslast bij u en bent uw als het ware verdacht. Vanuit de inhoud geredeneerd is dat niet erg. Met alle plezier onderbouwt u keer op keer uw standpunt dat het verhogen van de AOW niet asociaal is. Maar wanneer uw doel is om te overtuigen dan is het beter om de bewijslast te verschuiven naar uw opponent en de aanval in te zetten. Het komt krachtiger over wanneer u uw publiek voor houdt dat juist het handhaven van de AOW leeftijd op 65 jaar asociaal is omdat het de rekening van de verzorgingsstaat doorschuift naar onze kinderen. Laat uw opponent dat maar eens ontkennen! Plotseling zit uw opponent in de verdachtenbank en moet zich verantwoorden voor zijn standpunt.

De slimme debater zal er altijd voor zorgen dat hij zo min mogelijk tijd hoeft te besteden aan het verantwoorden van zijn standpunt. In de beeldvorming staat dat immers niet sterk. Hij zal altijd op zoek zijn naar de aanval op zijn opponent in de wetenschap dat hij die iets moet verantwoorden in de beeldvorming zwakker staat dan degene die hem uitdaagt.


Een mooi voorbeeld hier van wordt wekelijks geleverd in het Engelse Lagerhuis tijdens ‘Prime Minister’s Question Time’. De oppositieleider mag vijf vragen stellen aan de minister president. Standaard wordt hetzelfde patroon gevolgd. De oppositieleider plaatst door middel van een vraag de regering in het verdachtenbankje. De minister president ontduikt de vraag en gaat in de tegenaanval. Zie in het onderstaande filmpje een prachtig voorbeeld tussen David Cameron en Tony Blair.


Is hier sprake van een inhoudelijk goed debat? Absoluut niet maar dat is ook niet het belang van de debaters. Zij hebben maar één doel en dat is het winnen van de gunst van de kiezer. Helaas staat dat dus vaak op gespannen voet met het voeren van een goed debat.

FacebookGoogle BookmarksLinkedinTwitter